Ministerie BZK overweegt overgangsregime voor aardgasverbod 1 juli

Foto Pixabay

Deze week overlegt het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties met bouwende en ontwikkelende partijen, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Vereniging Eigen Huis over het overgangsregime voor het aanstaande aardgasverbod. Sinds de aankondiging dat per 1 juli een aardgasaansluiting niet langer wettelijk verplicht is bij bepaalde nieuwbouw (o.a. woningen), is er veel oproer ontstaan. Omdat netbeheerders alleen wettelijke taken mogen uitvoeren, is het opheffen van deze verplichting de facto een verbod. De huidige weerstand volgt echter uit het vervroegen van deze wetswijziging, men rekende er op dat dit pas op zijn vroegst volgend jaar zou worden ingevoerd.

Overgangsregeling aardgasverbod

De eerste partijen die hun bezwaar uitten tegen de vervroeging van het aardgasverbod waren de Nederlandse Vereniging van Bouwondernemers (NVB), de belangenbehartiger van ontwikkelaars Neprom, Bouwend Nederland, corporatiekoepel Aedes en de Vereniging Eigen Huis. Er wordt geschat dat de bouw van ongeveer 7.000 woningen nu op losse schroeven komt te staan. Ook projecten waar woningen al zijn verkocht vóór het verkrijgen van een bouwvergunning, lopen nu tegen hoge kosten op voor het verwijderen van de gasaansluiting, terwijl die niet meer kunnen worden doorberekend aan de koper. Met het af te spreken overgangsregime hoopt men tot voorwaarden te komen waaronder gemeenten mogen afwijken van het Bouwbesluit.

van Rooyen: “1 juli is gekkenwerk”

Nooit eerder heeft hij een wetsvoorstel waarbij zo weinig over de consequenties is nagedacht er zo snel doorheen gedrukt zien worden, stelt Coen van Rooyen, juridisch medewerker van de NVB. Het aardgasverbod zou aanvankelijk pas in 2020 worden ingevoerd, maar op aandringen van onder meer de NVB zou dit vervroegd moeten worden naar 2019. Consumenten zouden hier ook om vragen. Op 1 juli had echter niemand gerekend, aldus van Rooyen. Door al gemaakte prijsafspraken komen veel bedrijven nu in de problemen en projecten worden mogelijk afgeblazen. Volgens NVB-directeur Nico Rietdijk gaat het om ongeveer 10% van de jaarlijkse productie van woningen, er moeten snel afspraken komen om deze productie niet in gevaar te brengen.

DELEN