Volledige vrijspraak voor Kaas Hummel in zaak Go Planet

Vastgoedondernemer Klaas Hummel is vandaag door de rechtbank Amsterdam vrijgesproken op alle punten in de zaak rond het complex ‘Go Planet’. Het Openbaar Ministerie eiste in februari nog twee jaar gevangenisstraf voor Hummel. De aanklager beschuldigde Hummel van fraude bij de verkoop van het entertainmentcomplex in Enschede en van witwassen. Ongegrond, zo blijkt nu. “Vanzelfsprekend ben ik vooral opgelucht, maar wij hebben altijd gezegd dat de zaak onzinnig was”, laat Hummel aan De Telegraaf weten.

Jarenlange procedure

Eind 2007 nam een vennootschap van medeverdachte Van Dijk het Enschedese Go Planet over van Hummel en de andere aandeelhouders. Zij betaalde 2,5 miljoen euro. Enkele maanden later verkocht Van Dijk het complex voor 8 miljoen euro aan een groep Twentse investeerders. Het OM vermoedde fraude en begon een onderzoek. Wat volgde was een jarenlange procedure, die nu uitloopt in volledige vrijspraak. Tegen Hummel was een celstraf geëist. Tegen Van Dijk eiste het OM een taakstraf, voorwaardelijke celstraf en een boete en tegen twee betrokken taxateurs van DTZ Zadelhoff taakstraffen. Daarnaast pleitte het OM voor boetes tot 250 duizend euro voor de betrokken ondernemingen. Vanmorgen verklaarde de rechtbank alle beschuldigingen ongegrond.

Hummel: “Voor mij komt deze uitspraak niet als een verrassing”

“Vanzelfsprekend ben ik vooral opgelucht, maar wij hebben altijd gezegd dat de zaak onzinnig was”, laat Hummel weten nu de rechtbank hem op alle punten heeft vrijgesproken. “Het OM en de Belastingdienst hebben natuurlijk het recht om een zaak aan te spannen, maar ondertussen stond wel mijn reputatie op het spel.” De beschuldigingen bezorgden de vastgoedondernemer dan ook “een mentale klap”. Ook DTZ Zadelhoff, nu onderdeel van C&W, is blij met de uitspraak van de rechtbank. “We hebben steeds gezegd dat er professioneel en conform wetgeving en geldende standaarden is gehandeld”, stelt DTZ in een verklaring. “Dat is met de uitspraak van vandaag bevestigd door de rechtbank.”

Beschuldigingen ongegrond

Volgens het Openbaar Ministerie had Hummel middels een frauduleuze constructie de andere aandeelhouders en de Belastingdienst voor ruim 5,7 miljoen euro benadeeld. Hij zou Go Planet met valse taxaties van DTZ voor een te laag bedrag aan Van Dijk hebben verkocht. De rechtbank ging daar niet in mee. Zij achtte niet bewezen dat er sprake was van een frauduleuze constructie, onjuiste belastingaangiften of witwassen van de opbrengsten uit de verkoop. Ook pleegden de DTZ-taxateurs geen valsheid van geschrifte bij de taxatie van Go Planet.

Al in januari van dit jaar, bij de start van de inhoudelijke behandeling van de strafzaak, nam Hummel afstand van de beschuldigingen. Volgens hem was Go Planet tegen een marktconforme prijs verkocht, op basis van meerdere taxaties. Hij weet de zaak aan de te geïsoleerde benadering van de Belastingdienst, FIOD en het OM. Zo lieten zij volgens hem feiten uit het dossier die erop wezen dat de Twentse kopers juist te veel hebben betaald. Vijf deskundigen rekenden de verschillende (her)taxaties van Go Planet na en kwamen immers tot de conclusie dat de enige volgens de voorgeschreven methode uitgevoerde hertaxatie uitkwam op 1,9 miljoen euro, ruim een half miljoen euro lager dan de door Van Dijk betaalde koopsom.

Go Planet

Leisure Boulevard Go Planet is een recreatiecomplex bij Enschede. Het werd eind jaren negentig voor circa 26 miljoen euro gebouwd, maar ging al acht maanden na de opening de eerste maal failliet. Tot op de dag van vandaag heeft Go Planet elk jaar verlies geleden. Klaas Hummel nam het complex in 2002 voor circa 5 miljoen euro over van Bouwfonds. Go Planet kostte hem meerdere tonnen per jaar en de taxatiewaarde zakte in 2007 dan ook tot 2,5 miljoen euro, het bedrag waarvoor Van Dijk het complex in augustus van dat jaar kocht.

De groep Twentse investeerders die Go Planet in maart 2008 van Van Dijk overnam, betaalde 8 miljoen euro. Zij baseerden zich op een taxatierapport dat een actuele waarde van 1,2 miljoen euro vaststelde, maar een potentiële waarde van 10,5 miljoen euro voorspelde. Daarbij gingen zij uit van een scenario waarin alles rendabel werd verhuurd, terwijl dat juist al jarenlang problematisch bleek. In juni 2009 verloren ook zij het vertrouwen in dit scenario en verkochten twee deelnemers hun belang voor, omgerekend, een waarde van het vastgoed van ongeveer 1,5 miljoen euro.